Museumstukken en meer

Geplaatst op 19-10-2017

“MUSEUMSTUKKEN  EN  MEER”, door Ab van Kooten

Tijdens een goed bezochte ledenbijeenkomst van de Historische Vereniging Oud Veenendaal op 21 september 2017 presenteerde Martin Brink: “Museumstukken en meer”.

Voorzitter Bert van den Bos heette de aanwezigen welkom en vertelde dat de Historische Vereniging is gestart met een ledenwerfactie. De laatste weken zijn zelfs al meer dan vijftig nieuwe leden ingeschreven. Bert riep  de zaal op om de volgende keer allemaal een nieuw lid mee te nemen. Vervolgens kreeg Martin Brink het woord.

In het voorjaar van 1985 werd de Historische Vereniging Oud Veenendaal in het leven geroepen. Er waren toen 975 leden en Martin zat tien jaar in het bestuur.  Nu is hij lid van het museumbestuur en aan de hand van diverse foto’s en voorwerpen presenteerde hij een stukje geschiedenis van Veenendaal. Een bekend stukje geschiedenis de Schat van Tak. In 1928 werd bij de sloop van drie panden van eigenaar Tak door twee grondwerkers een schat van ruim 200 gouden en zilveren munten gevonden. Zij besloten niemand iets te zeggen en de schat zelf te houden. Natuurlijk lekte het toch uit en de vinders kregen een boete. Een gedeelte van de schat is nu te zien in het museum.

Martin toonde foto’s van de diverse veranderingen die de Hoofdstraat in de loop van de jaren heeft ondergaan, maar ook foto’s van de Scheepjeswolfabriek, van gedenkstenen en van belangrijke gebouwen. Van de gebouwen is niet veel meer over. De diverse gemeentebesturen vonden het belangrijker Veenendaal in de vaart der volkeren op te stuwen dan de historie te bewaren. Ook de waternoodramp van 1855 maakt deel uit van de Veense geschiedenis. In dat jaar kwam Veenendaal onder water te staan, omdat de Grebbedijk bij Wageningen het begaf en het water met  grote snelheid landinwaarts stroomde. De bevolking vluchtte naar de hoger gelegen Oude Kerk en na een week werden de vele getroffenen vervoerd naar de Geertekerk in Utrecht, waar ze gedurende een maand werden opvangen. Een monument in het plantsoen aan de Stationssingel herinnert aan deze gebeurtenis. Iets verderop, aan het Stationsplein staat het monument dat de  herinnering aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog levend moet houden.

 

Wat is het toch jammer dat zoveel mooie gebouwen verdwenen zijn. De Marechasseekazerne aan de Kerkewijk is er trouwens nog wel, maar niet meer als zodanig herkenbaar. Het Juliana Ziekenhuis dat na de oorlog in villa Bergzicht werd gesticht is ook verdwenen. Wat wel bewaard zijn gebleven zijn de gebrandschilderde ramen van de Panter Sigarenfabriek en de prachtige ramen van de SKF, die in de centrale ruimte van de Cultuurfabriek hangen. En de echte Veense weet nog maar al te goed dat de rode bussen van De Haas het personenvervoer verzorgden. Het was heel gewoon om te zeggen: “Ik ben met de Weduwe naar Utrecht geweest”. De groene bussen waren van de NBM.

Een  landelijk bekende Veenendaler was dichter Kees Stip. In het museum zijn een groot aantal memorabilia van hem aanwezig. Zijn dichtstijl is zeer herkenbaar. Wie kent niet  de bok van Siddeburen? Kortom, Martin riep een golf van nostalgie op en kreeg daarvoor van de voorzitter een mooie bos bloemen en een envelop. De bezoekers die nog nooit in het museum zijn geweest, kregen een toegangsbewijs. Want zeg nou zelf: als Veenendaler moet je echt eens in je leven het Veense museum hebben bezocht.

« Terug naar overzicht

Nieuws

Ons documentatiecentrum bestaat al weer zeven jaar. Loop er eens binnen!

lees meer

Nieuws van de redactie van ons blad

lees meer

Arie van Hensbergen, de parkeerwachter van het Zwaaiplein

lees meer
Inschrijven?Ga naar ons inschrijfformulier

Veenendaal van vroeger

Heb je altijd willen weten hoe Veenendaal er vroeger uit heeft gezien? Ga dan naar ‘kiekjes’ en blader door de foto’s.